|
Eerste Brabantse gezinsweekend
Het eerste Brabantse gezinsweekend vond plaats in januari 2011. De evaluaties van deelnemers en vrijwilligers laten zien dat het weekend een succes was. Inmiddels heeft ook de terugkomdag in juni plaats gevonden. Wat was het fijn om elkaar weer te ontmoeten en te delen wat het weekend in ieders leven betekende. Een deelnemertje verteld over een tekening die hij gemaakt heeft op de terugkomdag: (klik hier)
“Bij iedereen hier is iemand doodgegaan”
Schrapende vijlen, geconcentreerde blik. Zes kinderen schuren de scherpe kantjes van de speksteen, een steensoort die zich goed laat bewerken. Elders spelen de kleinsten, schilderen pubers, praten ouders met elkaar. Zondagmiddag 16 januari 2011, het eerste Brabantse gezinsweekend van ‘Achter de Regenboog’* loopt ten einde. Deze stichting zet zich in voor gezinnen die te maken hebben (gehad) met het verlies van een dierbare. De dood van papa of mama, broer of zus, kind of partner.
Oppepper Op vrijdagavond kwamen acht gezinnen aan in ‘Morgenrood’, het natuurvriendenhuis in Oisterwijk. IndÌya (14): “Ik zag er tegenop. Een heel weekend in een groep! Toch was het fijn. Ik heb vrienden gekregen.” Aline (16): “Ik wilde niet tussen emotionele mensen zitten. Maar het was gezellig. Je hoeft niks uit te leggen.” HenriÎtte (42): “Mensen kunnen schrikken van je verhaal. Hier niet. Iedereen hier heeft iemand verloren.” Yvonne (38): “Door de (h)erkenning voel je je verbonden. Ik leer van de ervaring van anderen.” Renske (8): “Ik ben blij.” Naast de 22 deelnemers zijn er bijna net zo veel professionals en (getrainde) vrijwilligers. Zij bereiden het weekend voor, regelen materialen en aankleding, begeleiden de groepen, koken en zorgen. Floortje (40): “Wat een oppepper. Je bouwt een band, zet een sfeer neer. Dit weekend gaat over dood, maar nergens is het levendiger.”
Kwaadmuur Nadat het Vaillantfonds in de zomer € 15.000 toezegde, startte rouwtherapeut Hellen Tonglet met de voorbereiding: “Gezinnen van de wachtlijst benaderen, vrijwilligers trainen en selecteren, accommodatie zoeken, draaiboek maken... Het programma volgt de rouwtaken van Worden. In het begin van het weekend is het vaak zwaar om samen stil te staan bij wie er is doodgegaan en hoe dat gebeurde. De kracht van het delen met anderen maakt dat de sfeer gaandeweg steeds lichter wordt. Indra (7): “We hingen briefjes op in de zorgenboom, met dingen waar je je druk over maakt. Aline: “Aan de dokters mocht je alles vragen. Hoe het zit met ziektes enzo.” IndÌya: “Tegen de kwaadmuur smeet ik hompen klei. Daarna boetseerde ik een hart.” HenriÎtte: “We kregen een spiegel. Op de brede rand schreven de andere ouders hoe ze jou zien, bijvoorbeeld ‘sterke vrouw met warm hart’. De spiegel gaat met me mee, voor als ik het een dag niet zie zitten.” Yvonne: “De kaarsenceremonie vond ik indrukwekkend. Je versiert een kaars. Dan kom je bij elkaar, in het donker. EÈn voor ÈÈn steek je je kaars aan, zegt er iets bij. Het was zo stil.”
Het weekend kent meer ceremonies. Zoals de herinneringsmuur waarop iedereen een foto hangt van zijn of haar dierbare. En op zondagmiddag gaan ballonnen met briefjes eraan de lucht in. Daarna is er weer een afscheid. Van elkaar. In juni komt iedereen terug om te vertellen wat het weekend thuis heeft opgeleverd. Hellen Tonglet: “Dat blijkt bijna altijd boven verwachting: beter kunnen slapen, beter erover kunnen praten met elkaar, kinderen die er voor het eerst op school over vertellen... Zodra er weer geld is, gaan we voor een volgend weekend met een nieuwe groep. De behoefte is groot.”
* www.achterderegenboog.nl




|